Home > Nieuws > Algemeen > Brief van de minister aan de 2e kamer

Brief van de minister aan de 2e kamer

In het regeerakkoord is de afspraak opgenomen dat de uitrusting en bevoegdheden van boa’s beter geregeld worden. Tevens heeft uw Kamer tijdens het AO Politieonderwerpen op 24 januari jl. gevraagd om een ‘veiligheidsvisie’ waarbij het vooral zou moeten gaan om de rollen en taken van partijen die in de openbare ruimte, dus op straat, met toezicht en handhaving actief zijn, zoals politie en buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s). Daarbij werd ook de samenwerking tussen de Koninklijke Marechaussee en de politie aangehaald. Ik heb toegezegd hierover voor het zomerreces een brief aan uw Kamer te sturen. Met deze brief geef ik uitvoering aan de afspraak uit het regeerakkoord en doe ik tevens mijn toezegging gestand.

In  alinea 4 staat de status van de groene BOA beschreven: download de brief   samenhang in toezicht buitengebied

 4. Toezicht en handhaving in de buitengebieden

Ik maak van de gelegenheid gebruik om in deze brief ook aandacht te vragen voor een andere vorm van toezicht en handhaving, waarbij er parallellen zijn met de aangekondigde verbeteringen ten aanzien van onder meer de rol van de driehoek en de operationele regie door de politie, maar die zich in plaats van op straat in buitengebieden afspeelt. Ook in het buitengebied is de inzet van boa’s (boa’s in het Domein II Milieu, welzijn en infrastructuur) onmisbaar.  Zowel de boa’s in overheidsdienst als de boa’s in dienst van bijvoorbeeld particuliere landgoedeigenaren en wildbeheerseenheden dragen onmiskenbaar bij aan de veiligheid en leefbaarheid en het natuurbehoud in de  buiten- gebieden. Dankzij deze inzet blijven onze buitengebieden uitstekende plaatsen voor recreatie en ontspanning. De inzet van boa’s door een particuliere werkgever geschiedt vanuit een eigen verantwoordelijkheid voor de veiligheid en leefbaarheid op zijn terrein. Dit betekent niet dat de politie zich daar niet verantwoordelijk voor acht of zich terugtrekt uit de buitengebieden. Daarom is, net als op straat, ook hier een goede samenwerking en afstemming noodzakelijk tussen de politie, gemeenten, provincies en de boa’s van andere organisaties.

Toezicht en handhaving in de buitengebieden is een onderwerp voor de lokale integrale veiligheidsplannen en handhavingsarrangementen. Dit betekent dat er in de lokale driehoeken aandacht moet zijn voor de handhavingsinzet in deze gebieden en dat de werkgevers van de boa’s in de buitengebieden moeten worden betrokken bij overleg hierover. Structureel overleg op lokaal niveau tussen gemeente, politie, OM en de boa-werkgevers bevordert de samenwerking en draagt bij aan een effectieve, lokale veiligheidszorg. De operationele regie op de toezichthouders en handhavers in de buitengebieden vindt in principe plaats vanuit de basisteams van de politie, rekening houdend met de gemeentegrenzen of grenzen van gemeentelijke samenwerkingsverbanden, vigerende veiligheids- en uitvoeringsplannen en eventuele handhavingsarrangementen. De verscheidenheid is groot, dus dient per situatie onder verantwoordelijkheid van de chef van de basiseenheid te worden bepaald wie binnen de politie de operationele regie voert met betrekking tot deze toezichthouders en boa’s. De landelijke uitgangspunten voor operationele regie gaan ook gelden voor de samenwerking in de buitengebieden.

– Er wordt een informatiesysteem in gebruik genomen om de toezichtrol van politie en OM op boa’s te versterken en te vereenvoudigen.

– Er start een pilot om te onderzoeken of de betrouwbaarheidstoetsing van boa’s aangepast moet worden.

Gelet op de belangrijke rol van de boa’s in het buitengebied, is de kwaliteit van de door hen geleverde opsporing en handhaving van groot belang. Daarom is er sinds 2010 een aanvullende opleidingssystematiek voor boa’s in het domein Milieu, welzijn en infrastructuur. Deze opleiding sluit volgens een deel van de werkgevers van de boa’s in het buitengebied niet goed aan op hun werkzaamheden. Ik heb begrip voor dit standpunt en zal daarom onderzoeken of aangepaste les-vormen voor deze groep voldoende bijdragen aan de gewenste kwaliteitsverbetering en tevens tegemoet komen aan de vraag naar maatwerk. Hiervoor wordt een pilot voorbereid.